Inhoud

1. Geschiedenis
2. Slagen
3. Diploma’s
4. Uitrusting
5. Trainingen
6. Wedstrijden
7. Hoe gezond
8. Wat kun je meenemen

kinder pagina

Welkom op de kinderpagina van WZV. Op deze pagina vind je kleurplaten en ideeën om een spreekbeurt over zwemmen in elkaar te zetten. Mocht je zelf nog leuke ideeën hebben dan mag je dit natuurlijk altijd doorgeven.

leuke kleurplaat.

spreekbeurten
Een spreekbeurt in elkaar zitten is niet altijd makkelijk. Het is niet onze bedoeling om een complete spreekbeurt op deze site te zetten. Daarom willen wij jullie wat tips geven. Iedereen kan die tips op zijn eigen manier toepassen en op die manier krijg je een eigen spreekbeurt.
Het belangrijkste is natuurlijk dat je  moet  bedenken waar je precies iets over wilt vertellen. Hieronder volgen enkele onderwerpen die je aan bod kunt laten komen. Mis je nog wat of heb je een heel goed idee dan mag je dat natuurlijk altijd doorgeven.
Succes!


1. Geschiedenis
Algemeen
In de oudheid dachten de mensen, dat het gezond was om in bad te gaan. Ze wisten toen nog niet dat hygiëne belangrijk is. 3.000 jaar voor Chr. zwommen de Egyptenaren in de Nijl. In Griekenland werden in die tijd al zwemwedstrijden gehouden. Romeinse soldaten zwommen als training de rivier over met hun uitrusting op de rug. Rijke Romeinse villas hadden toen vaak al een eigen zwembad. De eerste zwemorganisatie ontstond in Japan aan het einde van de 16de eeuw. De Keizer van Japan zorgde ervoor dat er op alle scholen zwemmen geleerd werd. In Europa werd het eerste wedstrijdzwembad in Engeland gebouwd in 1828. De eerste officiële competities vonden plaats in 1846 in Australië. Tijdens de eerste moderne Olympische Spelen (1896) in Athene wordt voor het eerst een wedstrijd tussen verschillende landen gehouden. De mannen zwommen drie afstanden in zee: 100, 500 en 1200 meter. Vanaf 1908 worden er wedstrijden gehouden in de verschillende slagen: rugslag, schoolslag en vrije slag. Vrouwen mochten pas vanaf 1912 meedoen aan de Spelen. Pas in 1924 werden de wedstrijden in een zwembad gehouden. Sinds 1994 worden er elke vier jaar wereldkampioenschapen gehouden. De wereld kampioenschappen in een 25 meterbad worden sinds 1993 om de twee jaar gehouden.

WZV Geschiedenis
klik hier...

Omhoog

2. Slagen
Je hebt allerlei verschillende slagen. De slagen die bij wedstrijden gezwommen worden zijn:
Rugslag, schoolslag, vlinderslag en vrije slag. Er is ook nog de wisselslag, maar dit is meer een afstand die gezwommen moet worden in een bepaalde volgorde. Deze volgorde is altijd als jezelf zwemt vlinderslag, rugslag, schoolslag en vrije slag. Als je dit als estafette zwemt, is de volgorde anders. Namelijk rugslag, vlinderslag, schoolslag en vrije slag.

Voor zwemvaardigheidsdiploma’s leer je nog andere slagen. Namelijk:
samengestelde rugslag, wrikken, nostalgische slagen.

Vlinderslag.
Rugslag.
Schoolslag.
Borstcrawl.
Starten en Keren.

Omhoog


3. Diploma’s

Je kunt verschillende diploma’s halen bij WZV:
Diploma A, B en C. Maar ook Zwemvaardigheid 1, 2 en 3 en nadat je zwemvaardigheid 1 hebt gehaald kun je ook nog stickers gaan halen. Deze stickers zijn er voor nostalgische slagen, waterpolo, reddend zwemmen, snorkelen en springen.

De eisen voor A, B en C vind je achter op je diploma.
Die van de zwemvaardigheden vind je ook op deze site.(link)

Omhoog


4. Uitrusting
Het volgende heb je nodig als je wilt zwemmen.

• badpak/zwembroek

de nieuwste badpakken en zwembroeken hebben steeds betere stoffen om de weerstand te verminderen
• brilletje krijg je minder chloor in je ogen en kun je onder water beter zien
• handdoek  
• badmuts  krijg je minder weerstand in het water

Tijdens een wedstrijd mag je niets gebruiken om je drijvend vermogen te verbeteren.
Er zijn wel veel zwemmers die zich scheren voor een wedstrijd. Hierdoor voelen ze hun bewegingen beter en hebben ze minder weerstand in het water.

Omhoog


5. Trainingen
Hier kun je iets vertellen over je eigen trainingen.
Hoe vaak train je?
Wat doe je zoal tijdens een training?
Leg bijvoorbeeld uit, dat je tijdens het trainen geen opdrachten krijgt in banen, maar meters. 25 meter is dus één baan, 50 m twee etc.
Je hebt bv een duurtraining, deze is om conditie op te bouwen.
Een sprinttraining is om je sneller op korte afstanden te laten zwemmen.

Hulpmiddelen tijdens een training zijn:                                

• plankje daar houd je je handen aan en op die manier kun je alleen je benen trainen
• pool boy die klem je tussen je benen en op die manier kun je alleen je armen trainen
• flippers

doe je aan je voeten en op die manier kun je de techniek van het
flipperen beter trainen
• armpeddels
 
doe je aan je handen en op die manier kun je de techniek van je armen en handen beter trainen.

Omhoog


6. Wedstrijden
Als recreant kun je de volgende wedstrijden zwemmen:

• Recreantenwedstrijden.
Je probeert dan met de hele ploeg zo goed mogelijk te zwemmen. aan het eind van elke wedstrijd worden de beste twee tijden van elke leeftijdscategorie bij
elkaar geteld. De club die de minste seconden bij elkaar heeft gezwommen wint die dag. Er is ook een klassement over alle drie de wedstrijden.

• onderlinge wedstrijden.
 


Als kernlid kun je de volgende wedstrijden zwemmen:

• Speedo.
Deze zwem je als je tussen de 6 en 11(voor meisjes) en 12 jaar (voor jongens) bent. Hier zwem je voor jezelf en kun je medailles winnen.
Er is een instroomgroep, dan begin je net met zwemmen. En een voorronde, dan zwem je al wat langer. Als je in de voorronde zwemt, kun je je ook plaatsen voor de Speedokringfinale.
Deze wordt aan het einde van een seizoen gezwommen. Hieraan doen dat de beste 18 van Brabant mee die ook aan die Speedowedstrijden hebben meegedaan.

• Competitie.
Wij zwemmen in 2008/2009 in de D1.
Als groep moet je dan zo hard mogelijk zwemmen. Per leeftijdscategorie zwemmen er twee kinderen voor de punten. De bedoeling is om zo MIN mogelijk punten bij elkaar te zwemmen. Elke tijd die gezwommen is, wordt omgezet in punten.
De Competitie in Nederland is verdeeld in verschillende klasse. Het hoogste is de topklasse Dan komt de B, dan de C, dan de D1, dan de D2 en als laatste de E. Je kunt aan het einde van een seizoen promoveren(=naar hogere klasse), degraderen(=naar lagere klasse) of je handhaven in een klasse(=je blijft in dezelfde klasse zwemmen).

• LAC wedstrijden.
Dit zijn wedstrijden met grotere afstanden bv 800 m. Ook hier zwem je voor je zelf. Er is ook een LAC klassement. Dan moet je vooraf bepaalde afstanden
zwemmen in een bepaalde periode en hiervan wordt aan het einde van een seizoen een
klassement van gemaakt.

• Open waterwedstrijden.
Dan zwem je voor jezelf in open water. Dus een kanaal, rivier of
zee. Dit zijn wel langere afstanden. De kortste afstand is 500 m.

• Brabantse kampioenschappen.
Hier mag je aan meedoen als je een limiet hebt gehaald.
De KNZB bepaald elk jaar opnieuw wat de limieten zijn voor een leeftijd. Heb je die tijd
gezwommen of harder dan mag je aan deze kampioenschappen mee doen. Je zwemt dan voor jezelf.

• NJK.
Dit zijn de Nederlandse Jeugd Kampioenschappen. Ook hiervoor moet je een limiet
zwemmen en dan mag je hieraan mee doen als je junior bent (meisjes 12 t/m 14 jaar,
jongens 12 t/m 16 jaar)Je hebt een korte baan (25m) en lange baan (50m) kampioenschap.

• NK.
Dit zijn de Nederlandse Kampioenschappen. Ook hiervoor moet je een limiet zwemmen en dan mag je hieraan mee doen wanneer je geen junior meer bent. Ook bij deze is een korte en lange baan versie.

Natuurlijk zijn er ook nog de Europese en Wereldkampioenschappen. En niet te vergeten de Olympische spelen.

Na elke wedstrijd die je gezwommen hebt, krijg je een kaart van WZV met  de tijden erop die je gezwommen hebt. Soms zit er ook een 1, 2 of 3 op geplakt wanneer je de 1e, 2e of 3e plaats had.

Soms krijg je ook een WZV clubrecordkaart. Deze krijg je als je een clubrecord hebt verbroken of als eerst die afstand voor jou leeftijd hebt gezwommen. De clubrecords staan ook op deze site.(link)

Heel het seizoen worden verder de tijden van iedereen bijgehouden door een persoon. Die kijkt of je een pr (=persoonlijk record) hebt gezwommen. Per 3 gezwommen pr’s krijgen de recreanten een vaantje. Per 5 pr’s de kern. Aan het begin van een seizoen worden de vaantjes van het seizoen ervoor uitgedeeld.

Omhoog


7. Hoe gezond is zwemmen?
Er is de laatste tijd veel te doen over overgewicht bij kinderen en dat jullie meer moeten bewegen. Jullie moeten per dag minimaal 60 mn bewegen. Misschien is het leuk om dit schema te laten zien:

Zwemmen is de gezondste sport die er bestaat. Zwemmen is geschikt voor mensen van alle leeftijden. Als je 20 minuten hard zwemt, verbruik je 240 Kcal aan energie. Op deze tabel heb ik een paar sporten met zwemmen vergeleken:


Sport:

Energieverbruik bij 20 minuten

Goed voor hart en longen

Goed voor gewrichten

Goed voor spierkracht

Wandelen

60

*

*

*

Paardrijden

115

**

***

**

Gymnastiek

140

**

****

**

Tennis

160

***

***

**

Skiën

160

***

***

***

Voetballen

180

***

***

***

hardlopen

210

****

**

**

Fietsen

220

****

**

***

Zwemmen

240

****

****

****

* bijna niets. ** matig. *** goed. **** uitstekend.

Omhoog

8. Wat kun je meenemen

• je WZV badmuts
• een zwembrilletje
• je WZV t’shirt
• pool boy
• flippers
• plankje
• handpeddels
• foto’s (misschien kun je ze wel op de beamer tonen van de site van WZV)
• WZV kaart met je tijden erop van een wedstrijd
• WZV clubrecordkaart als je een clubrecord bezit. Anders mag je altijd een lege aan de kassa vragen. (misschien kun je je eigen clubrecord via de beamer laten zien)
• vaantje(s)
• medaille(s)

Omhoog